DE IJSSELBODE – NIEUWS- EN ADVERTENTIEWEEKBLAD VOOR DE IJSSELSTREEK PAGINA 7 Dachau overleefd, maar voor altijd gebroken In het kader van 75 jaar bevrijding gaat dit keer ons verhaal over Toon de Jong. Wim Geurts had in zijn jeugd samengewerkt met Toon. Hij wist als geen ander hoe deze man was getekend door zijn oorlogsbelevenissen. Mensen hadden een mening en oordeelden zonder te weten wat hij allemaal in die jaren daar in Duitsland had meegemaakt. Tegenwoordig zouden we zeggen: “Hij had een rugzakje met vele zware stenen erin”. Wim heeft tot zijn dood contact met Toon de Jong gehouden en zich daarna voorgenomen hem ooit te rehabiliteren voor zijn soms afwijkende gedrag. Dit jaar is het er dan van gekomen. Wim beet zich er in vast, dook in vele oorlogsarchieven en had een gesprek met zijn stiefzoon Henk. Wim viel van de ene verbazing in de andere. We konden er niet onderuit: dit verhaal moest verteld worden. Drie in de pan Achter het bouwbedrijf Schinkel tegenover de Heulbrug op het Amsterdamse Veer bevonden zich drie huisjes. In een van die huisjes werd Toon 100 jaar geleden op 29 januari 1920 geboren. Naast het huis uit 1911 van bouwbedrijf Schinkel liep een smal steegje en daarachter lagen de drie huisjes die in de volksmond ‘Drie in de pan’ werden genoemd. Later werden ze opgekocht door het bouwbedrijf en kwam er een loods voor in de plaats. De start van het leven van Toon was al problematisch. Hij was namelijk een zogenaamd ‘voorkind’. Zijn moeder was Teuntje Michies, maar de vader was onbekend. Bijna twee jaar later trouwde Teuntje uiteindelijk met Peet (Petrus) de Jong. Uit de akte blijkt dat hij door Peet de Jong werd erkend als zijnde zijn zoon. Volgens de toen geldende wetgeving kreeg Toon daardoor de achternaam De Jong. leeftijd aanmeldde om te gaan werken in Duitsland. Hij wilde eruit. Weg uit de bekrompenheid. Hoewel hij niets had met Duitsland en de Duitsers gebruikte hij deze vlucht naar, dacht hij, grotere zelfstandigheid. Maar hij kwam bedrogen uit. Op 6 juni 1942 vertrok Toon per trein vanaf Utrecht naar Duitsland. Alle wagons van deze speciale trein zaten propvol mannen die min of meer gedwongen gingen werken in Duitsland. Eindbestemming station Basdorf bij Berlijn. Vandaaruit was het een kwartiertje lopen naar het Gemeinschaftslager Köllnische Heide waar de Nederlanders hun onderkomen hadden. Vanaf de eerste dag van aankomst moest er gewerkt worden in de grote BMW (Bayerische Motoren Werke) fabriek van vliegtuigmotoren. De BMW 801 dubbele radiale-motor, met een vermogen van 2000 pk was een van de belangrijkste Duitse vliegtuigmotoren. Vanaf het Lager (kamp) was het ongeveer een half uur lopen over het heideveld naar de fabriek. Zo’n anderhalf jaar bracht Toon in dit Lager door. Peet de Jong geschilderd door onze Oudewaterse kunstschilder Joop Joosten. Naar de werkverschaffi ng in Duitsland Uit het huwelijk van Peet en Teuntje werden drie kinderen geboren: Piet, Kees en Jans. Zij hadden altijd wat moeite met Toon als oudere stiefbroer. Toon voelde zich daar niet prettig bij. Dat moet ook de reden geweest zijn dat hij zich op 22-jarige Op 21 november 1943 verhuisde men naar een ander Lager dat meer uit de buurt van de fabriek lag. Die vliegtuigmotorenfabriek was natuurlijk regelmatig het doelwit van de geallieerde bommenwerpers en in die tijd was er nog geen sprake van een precisiebombardement. Regelmatig ontplofte er een bom vlakbij het Lager. Dat werd te gevaarlijk voor de arbeiders en zonder hen kon de fabriek niet draaien. Er waren binnen een straal van 40 km rond Berlijn maar liefst meer dan 3000 Lagers waar buitenlandse arbeiders, politieke tegenstanders, krijgsgevangenen, veroordeelden enz. de economie in Duitsland draaiende moesten houden, want hun eigen mannen moesten naar het front om te vechten. Elke man was nodig om Hitler de oorlog te laten winnen. In de tijd dat Toon in dit nieuwe Lager (Gemeinschaftslager Berlin-Neukölln) was, ging het mis. Hij kreeg een steeds grotere hekel aan de Duitsers die de leiding hadden in de fabriek. Er was zelfs een Nederlandse SS-er bij waar hij helemaal een bloedhekel aan had. Ze werden als een soort slaven Wout van Kouwen is ruim 35 jaar onderwijzer geweest op de Mariaschool. Hij wist zijn leerlingen altijd te boeien met mooie geschiedenisverhalen. Niet alleen wat betreft de vaderlandse geschiedenis, maar ook de historie van Oudewater kwam ruimschoots aan bod. Hij heeft een aantal van die Oudewaterse geschiedenisverhalen voor u op papier gezet, wij zijn ervan overtuigd dat wij daar menig geelbuik, maar ook de andere lezers, een plezier mee zullen doen. De volgende afl evering verschijnt over een maand, de redactie wenst u veel leesplezier. (deel 101) behandeld terwijl ze eigenlijk gewoon arbeiders waren. Toon kon niet tegen dit onrecht en ging dwarsliggen. Het begon met kleine sabotagehandelingen tot hij uiteindelijk een draaimachine vernielde. Hij wist dat dit vreselijke consequenties voor hem zou kunnen hebben en vluchtte uit het Lager weg richting Nederland. Hij wilde naar huis; weg uit deze gruwelijke Nazi-wereld. Maar echt ver kwam hij niet. Hij had zo’n 150 km afgelegd toen hij op 7 februari 1944 in Maagdenburg door de Gestapo werd gearresteerd en overgebracht naar de gevangenis in Potsdam bij Berlijn. Voor zijn sabotagedaad werd hij veroordeeld tot 1 jaar dwangarbeid. Hij moest weer gaan werken in de BMW-fabriek maar nu als dwangarbeider en kreeg ook de kleding van een dwangarbeider te dragen. Dit Lager was in Oranienburg op zo’n 35 km van Berlijn. In dat Lager kreeg Toon het aan de stok met een beul van een bewaker. De man dreigde hem dood te knuppelen en Toon moest zich in uiterste wanhoop verdedigen met de dood van de bewaker tot gevolg. “Het was hij of ik”, zei Toon er later over. Hij werd overgebracht naar de beruchte Spandau gevangenis en moest daar de nodige martelingen door de Gestapo ondergaan. De doodstraf dreigde, maar omdat hij uit zelfverdediging had gehandeld, kreeg hij alleen een zware straf: 15 jaar dwangarbeid. Inmiddels was de BMW fabriek bij Berlijn volledig verwoest door een bombardement van de geallieerden met maar liefst 700 bommenwerpers die geëscorteerd werden door 800 gevechtsvliegtuigen. Strafl ager Allach/Dachau Toon werd op 4 januari 1945 overgeplaatst naar het S.S. Strafl ager Allach/Dachau in het zuiden van Duitsland net boven München. Hij kreeg een kampnummer (335263) dat op zijn arm werd getatoeëerd. Ook daar moest hij weer vanaf het Strafl ager in de BMW fabriek aldaar werken. Maar liefst 17.000 mensen werkten in die fabriek, waarvan 70% dwangarbeiders. Dachau was een hel. Het was dan wel geen vernietigingskamp, maar de dwangarbeiders stierven er bij honderden. Ze kregen slecht te eten en werden geslagen en gemarteld tot ze er vaak dood bij neervielen. Wilt u reageren, heeft u tips, extra informatie of materiaal, mail dan naar: wout.van.kouwen@hotmail.com door Wout van Kouwen SS’-ers in Dachau geëxecuteerd Bij de bevrijding stuitten de onthutste soldaten op een goederentrein met een evacuatietransport uit concentratiekamp Buchenwald. In de open wagons lagen 2.000 lijken. Bij het crematorium troffen de soldaten nog eens 3.000 lijken aan. De mannen waren verbijsterd bij de aanblik van deze verschrikking. De verbijstering sloeg om in woede. De soldaten, die toch echt al heel wat meegemaakt hadden, gingen volledig door het lint. In hun opperste woede hielden ze zich niet meer aan het oorlogsrecht en executeerden standrechtelijk alle achtergebleven SS-kampwachten. Getrouwd Toon trouwde op 1 juni 1949 in Utrecht met Allegonda Bontrop die uit Toon met zijn vrouw en moeder in 1949. Op 28 april 1945 werd Dachau door de Amerikaanse troepen bevrijd. Toon de Jong werd, zoals het in de offi ciële papieren stond: ‘Levend aangetroffen’. Hij was een van de 32.000. Ook de priester Van Genuchten, al vanaf 7 november 1941 in Dachau, behoorde tot de bevrijden. Hij zou later van 1950 tot 1956 pastoor in Oudewater zijn. Eindelijk naar huis Toon was blij. Hij kon eindelijk na drie jaar naar huis. Maar de verschrikkingen die hij daar had meegemaakt zouden hem voor de rest van zijn leven tekenen. In de herfst van 1945 kwam hij via Frankrijk weer terug in Oudewater. Toon was echter volledig getraumatiseerd en kon zijn draai helemaal niet vinden. Werkte soms, verdween dan weer een tijdje, zwierf anderhalf jaar dolend rond door Frankrijk en keerde opeens weer terug. Hij schreef er later over: “Ik heb tot mijn 29ste jaar een rot leven gehad. Ik was een verschoppeling. Toen leerde ik mijn vrouw kennen en kreeg ik een menswaardig bestaan”. een eerder huwelijk reeds vijf kinderen had met de achternaam De Bruijn: Martin, Anton, Theo, Henk en Truus. Het echtpaar ging wonen in het steegje ‘Drie in de pan’ op Amsterdamse Veer nr. 4; broer Kees woonde op nr. 6 en vader Peet de Jong op nr. 8. De hele familie De Jong had als bijnaam: ‘De Koekebak’, vandaar misschien ook dat de huisjes ‘Drie in de pan’ genoemd werden. De kinderen van Allegonda zaten nog in een kindertehuis en bij pleegouders en konden toen weer herenigd worden met hun moeder. In 1953 verhuisde het gezin naar de Van Kinschotstraat 6. waar gelukkig wat meer ruimte was voor de vijf kinderen en ouders. Toon was inmiddels gaan werken bij Brinkers (de koekenfabriek), maar hij kreeg al snel, door zijn martelingen in Duitsland, lichamelijke problemen. Hij werd nierpatiënt en er ontstonden problemen met zijn gehoor, rug en maag. Uiteindelijk werd Toon in 1957 afgekeurd en kreeg een invalidenuitkering. Dat was geen vetpot en daarom kluste hij er soms wat bij op de boerderij van IJff vooraan in de Linschoten. Er waren echter niet alleen lichamelijke klachten. Ook geestelijk ging het helemaal niet goed. Als hij in het café wat gedronken had, was hij bij thuiskomst soms niet meer te houden. Hij zette dan herhaaldelijk de brandende kachel vanuit de hoek midden in de kamer. Toon werd ook een keer bij boer IJff uitgenodigd op een feestje. Toen ze daar op een gegeven moment Duitse liedjes draaiden, ging hij helemaal door het lint. Zijn stiefzoon Henk was dan de enige die hem weer rustig kon krijgen. Op advies van dokter Clercx is hij rond 1960 voor driekwart jaar opgenomen geweest in de psychiatrische afdeling van het St. Jorisgasthuis in Delft. Daar kon hij zijn verhaal kwijt en dat had een goede uitwerking op hem. In 1984 stierf Toon op 64 jarige leeftijd. Een man die getekend was door de oorlog waarvan we nu het 75-jarige bevrijdingsfeest vieren. Bronnen: Wim Geurts, Henk de Bruijn, Piet Brouwer, Wikipedia. Een voor ons unieke foto: Toon, hier vooraan, aan het werk in de BMW fabriek in Allach/Dachau. De vorige afl everingen van ff z@ppen zijn gebundeld in vier delen. Daarbij is gebruik gemaakt van extra materiaal als aanvulling. De rijk geïllustreerde boekjes zijn voor € 17,50 te koop in Oudewater bij The Read Shop, de TIP en bij de schrijver zelf. Pagina 6

Pagina 8

Voor drukwerk, online vakbladen en studiegidsen zie het Online Touch content management system systeem. Met de mogelijkheid voor een e-commerce shop in uw archief.

week 16 Lees publicatie 11Home


You need flash player to view this online publication